Sternberg
"Intelligence is defined in terms of the ability to achieve success in life in terms of one’s personal standards, within one’s sociocultural context. One’s ability to achieve success depends on capitalizing on one’s strengths and correcting or compensating for one’s weaknesses. One is successfully intelligent by virtue of how one adapts to, shapes, and selects environments. Success is attained through a balance of analytical, creative and practical abilities” (Sternberg, 2003)

Sternberg onderscheidt drie basis denkvaardigheden: analytische intelligentie, creatieve intelligentie en praktische intelligentie.

Sternberg's denkvaardigheden voor succesvolle intelligentie
Analytisch

De vaardigheid die we vooral met schoolse activititeiten verbinden:

  • Inzicht
  • Logisch redeneren
  • Informatie opnemen en weergeven
  • Hoofd- en bijzaken onderscheiden
  • Denkprocessen en oplossingsrichting(en) overzien
  • Objectiviteit

Deze vaardigheden vallen vooral samen met wat bij de meeste IQ-testen gemeten wordt.

Creatief

Het vermogen om veel informatie tegelijkertijd met elkaar in verband te brengen:

  • Flexibel denken
  • Inventiviteit
  • Associëren en brainstormen
  • Complexe, meerduidige informatie tegelijkertijd overzien
  • Ongewone, originele vragen stellen
  • Problemen in een ander kader plaatsen (out-of-the-box)
  • Inlevingsvermogen
  • Subjectiviteit (bijvoorbeeld esthetisch oordeel)

Het creatieve vermogen speelt een grote rol in wetenschap, kunst, probleemoplossend vermogen en samenwerking met anderen.

Praktisch

Het vermogen om ideeeën concreet te maken in een maatschappelijk waardevol product:

  • Doelgericht denken en werken
  • Overzien wat bijdraagt aan het doel en wat niet
  • Zelfkennis: eigen sterke en zwakke kanten kennen
  • Overtuigingskracht
  • Teamwork
  • Plannen
  • Materiaalbegrip

Praktische vaardigheden zorgen ervoor dat (nieuwe) kennis en creatieve ideeën zichtbaar gemaakt worden in een tastbaar resultaat..

Iedereen heeft in meerdere of mindere mate elk van deze drie denkvaardigheden tot zijn beschikking, maar het is heel zeldzaam dat iemand ze alle drie even goed beheerst. De meeste mensen hebben een duidelijke voorkeur voor een, of soms twee van deze manieren van denken. Als je dus hetzelfde probleem voorlegt aan drie mensen, van wie de ene vooral tot analytisch denken neigt, de tweede tot creatief en de derde tot praktisch denken, dan zie je hoe ze tot heel verschillende oplossingen komen voor hetzelfde probleem.

Sternberg stelt dat er sprake is van ‘succesvolle  intelligentie’ wanneer iemand in staat is om zijn vaardigheden op zowel analytisch, creatief als praktisch gebied succesvol te managen.